Water als Wapen

| | |

Op de pedalen langs de geheimen van de Hollandse Waterlinie

Lichtvlekken van schaduw en zonlicht dansen over de weg voor me. Ik fiets onder de reusachtige, oude notenbomen van landgoed Mariënwaerdt en adem de frisse ochtendlucht in. Zo vroeg ben ik hier nog nooit geweest; de zon staat nog maar net boven de horizon. De afgelopen dagen waren snikheet en drukkend, maar deze ochtend begint heerlijk koel. Samen met mijn partner stap ik vandaag op de pedalen voor de fietsroute ‘Water als Wapen’. Een tocht met een feestelijk tintje, want de Nieuwe Hollandse Waterlinie viert dit jaar haar 5-jarige jubileum op de UNESCO Werelderfgoedlijst.

Het grote pluspunt van deze route? De ultieme vrijheid. De tocht is volledig uitgezet op basis van het bekende knooppunten-systeem. Je volgt simpelweg de nummers op de borden en start waar je zelf wilt. Wij parkeren de auto op landgoed Mariënwaerdt. Onze fietsdag begint dus meteen idyllisch: rijden tussen de weilanden en fruitbomen van dit prachtige landgoed.

  

Het land als vloeibaar schild

De Nieuwe Hollandse Waterlinie is een indrukwekkende, kilometerslange keten van forten. Bijna allemaal hebben ze de tand des tijds glansrijk doorstaan. Maar de linie was vroeger veel meer dan een verzameling dikke muren. Het échte geheim zat hem in een ingenieus netwerk van sluizen, dijken en kanalen.

Het idee was even simpel als geniaal: bij vijandelijke dreiging kon het leger enorme lappen grond gecontroleerd onder water zetten. Een laagje van zo’n vijftig centimeter water was al genoeg. Te diep voor zware legerwagens en paarden om doorheen te ploegen, maar net te ondiep voor boten om over te varen. Een vijandelijke opmars liep hier gegarandeerd hopeloos vast. Terwijl ik vaart maak, voel ik een vlaag van bewondering. Bizar eigenlijk, waar zo'n klein landje honderden jaren geleden al toe in staat was. Vandaag de dag stroomt het water gewoon uit onze kraan, maar vroeger was het ons machtigste verdedigingswapen.

Papavers en kaasautomaten

Vanaf landgoed Mariënwaerdt slingert het fietspad al snel het karakteristieke dorpje Beesd in. Ik ben nog van de generatie die weet dat er vroeger op elke straathoek een telefooncel stond als je onderweg het thuisfront wilde bellen. Ik ga dan ook vol in de remmen als ik in Beesd een nostalgisch exemplaar langs de weg zie staan. Bellen kun je er al lang niet meer, maar de cel heeft een geweldig tweede leven gekregen als minibibliotheek. In het gras ernaast staan twee stoelen die je bijna smeken om met een geleend boek even lekker in het ochtendzonnetje te gaan zitten.

Na Beesd volgt de route een tijdlang de kronkelende oevers van de Linge. Het is nog te vroeg voor de pleziervaart; de talloze ganzen op het water hebben het rijk nog alleen. Omdat we over de dijk rijden, geniet je constant van een weids uitzicht over het glinsterende water. Maar kijk onderweg vooral ook eens de andere kant op: we passeren een gigantisch veld vol bloeiende papavers. De dieprode bloemen trekken een vuurrode streep door het groene rivierenlandschap, schitterend!

 

Wat deze streek pas écht charmant maakt, zijn de vele onbemand stalletjes langs de weg. Zodra er in de verte een vlag wappert of er een paar houten kratten opgestapeld staan, springen we van de fiets. Lokaler dan dit gaat het niet worden: bij het ene stalletje koop je handgemaakte bloemzaadballen, een bocht verderop stuiten we op een kaasautomaat, en weer ergens anders liggen er zakken vol knapperige appels klaar voor de dorstige fietser.

Het geheim van Asperen

Iets verderop passeren we het GeoFort. Je kunt hier kort van de route afwijken om een rondje om het forteiland te lopen. Vandaag is het fort helaas dicht vanwege een besloten feest, maar onder de schaduwrijke bomen voor de brug houden we een korte drinkpauze. Lang hoeven we daarna niet door te trappen voor het volgende waterbouwkundige hoogstandje: het Sluizencomplex van Asperen.

Dit complex is een absolute must-stop. Het bestaat uit vier sluizen: twee waaiersluizen en twee schut- of inundatiesluizen. Met die laatste twee kon het land dus onder water worden gezet. De dubbele waaiersluizen die je hier ziet liggen, zijn uniek; het is de allerlaatste set ter wereld die nog altijd werkt. Een waaiersluis was destijds een revolutionaire uitvinding, omdat deze door zijn slimme, waaiervormige constructie óók tegen de sterke stroom in geopend kon worden.

 

Inmiddels begint het op de Linge te leven en vaart het ene na het andere glanzende jacht door de sluis. Vlak naast de sluis liggen enorme, loodzware houten balken onder een speciaal afdakje. Het lijken wel kleine huisjes. Deze massieve balken werden gebruikt om de sluis in tijden van nood of
onderhoud volledig af te sluiten. Als je goed naar de muren van de sluis kijkt, zie je de diepe sleuven waar de balken in geschoven kunnen worden. Tussen de balkenstapels stort men vervolgens zand en grond, zodat de sluis drooggezet kon worden voor reparaties. Fascinerend om te zien hoe vernuftig we hier al eeuwenlang met waterstromen omgaan.

Bunkers, loopgraven en een doormidden gezaagd monument

De sluizen liggen pal tegen het machtige Fort bij Asperen aan. De perfecte plek voor een uitgebreide break. Het fort zelf is gratis toegankelijk voor wie de historische, dikke muren eens van binnen wil bewonderen. En laten we eerlijk zijn: even de benen strekken tijdens een lange fietstocht is nooit weg. De geur van verse koffie trekt ons onweerstaanbaar naar het gezellige terras dat sfeervol tegen de ronde fortmuur is opgesteld. De gezonde buitenlucht maakt hongerig, dus bestellen we er meteen wat lekkers bij.

 

Helemaal opgeladen vervolgen we onze route. Vanaf dit punt is de tocht een aaneenschakeling van tastbare geschiedenis. Overal in het weidse landschap liggen groepsschuilplaatsen en bunkers verspreid. Langs de Meerdijk zijn zelfs de oude loopgraven tussen de bunkers in ere hersteld en gereconstrueerd. De Duitse bezetter vond de werking van de Hollandse Waterlinie destijds zó sterk, dat ze de linie na de inname van Nederland direct uitbreidden met talloze eigen bunkers. Veel daarvan zijn gelukkig bewaard gebleven.

   

We rijden bijna voorbij aan het volgende fort, zo goed ligt het verscholen in het dichte groen: 'Werk aan het Spoor'. De naam verklaart meteen de strategische ligging, want het fort ligt pal tegen de spoorlijn aan. Vanaf deze positie was het verdedigen van de spoorweg een eitje. Rondom het fort ligt een diepe gracht, die vroeger volledig rondom liep. Het fort zelf was bereikbaar via drie vernuftige kraanbruggen. Eén origineel exemplaar ligt nog altijd langs het spoor. Een kraanbrug kon gedeeltelijk weggedraaid worden, zodat de vijand het fort nooit makkelijk kon bestormen. We laten de fietsen even staan en lopen de historische brug op. Net op dat moment dendert er een trein voorbij. Pas nu zie je echt goed hoe perfect het vrije uitzicht was dat de soldaten vanuit het fort op de passerende treinen hadden. Het fort zelf is trouwens niet open voor publiek.

 

Klauteren naar het waterniveau

De tocht voert ons verder over de monumentale Diefdijk, eveneens een cruciale schakel in de linie. Vooraf had ik een belangrijke notitie gemaakt: het vinden van het befaamde 'inundatiebankje'. Tegenover Diefdijk nummer 30 ligt onderaan de dijk een idyllische picknickplek. Op het eerste gezicht lijkt het een gewone stopplaats, maar schijn bedriegt. Een smal, verscholen paadje leidt je vanaf hier naar de waterkant, waar een reusachtige, metershoge houten bank staat. Met een stevig trappetje klauter je naar de zitting. Eenmaal boven ervaar je pas echt de impact van de geschiedenis: de hoogte van de bank markeert exact het waterniveau zoals dat in tijden van inundatie in het landschap zou staan. Je bungelt hier letterlijk met je benen op de grens van wat een gigantische watermassa zou worden. Net als op veel andere historische punten langs de route staat ook hier een mooi interactief draaibord met boeiende achtergrondinformatie.

Niet veel later bereiken we een van de meest gefotografeerde en iconische locaties van de route: Bunker 599. Deze zware betonnen schuilplaats is met diamantzagen kaarsrecht doormidden gezaagd! Het is een bizar en indrukwekkend gezicht in het open landschap. We parkeren de fietsen tegen een hekje en wandelen onder de inmiddels warme middagzon door het gras naar de opengewerkte bunker. Omdat het massieve beton is opengebroken, zie je pas goed hoe extreem krap, donker en muf het binnen moet zijn geweest voor de manschappen. De stalen gebinten waarmee het beton is gewapend, zitten nog strak in de constructie. Een absolute aanrader. Loop overigens niet direct weer weg: krap tachtig meter verderop ligt nóg een bunker verscholen in de bosschages waar je via een smalle ingang zelf in kunt klimmen.

  

Een viaduct met een geheim

Even later passeren we de snelweg A2 via een groot viaduct. Asfalt, razend verkeer en beton; normaal gesproken een plek waar je als fietser zo snel mogelijk aan voorbij wilt trekken. Toch herbergt juist dít viaduct een indrukwekkend geheim. Het is namelijk niet zomaar een viaduct, maar een volwaardige, gecamoufleerde waterkering! Om de laaggelegen Randstad bij extreem hoog water te beschermen tegen overstromingen, kan de complete snelweg in een mum van tijd hermetisch worden afgesloten met drie gigantische, loodzware betonnen balken. Deze balken liggen permanent opgesteld langs de zijkanten van het viaduct, waar je er als automobilist of fietser onbewust aan voorbij gaat. Eén keer per jaar wordt deze indrukwekkende operatie ’s nachts getest en is de snelweg volledig afgesloten voor alle verkeer.

Nieuwsgierig geworden loop ik aan de overzijde van het viaduct via een talud naar beneden. Hier ligt nóg een bunker verscholen. Deze variant is door lokale kunstenaars voorzien van een aantal bijzonder coole en kleurrijke graffiti-artworks. Jammer genoeg is het smalle toegangspad en het omliggende hekje op dit moment zo dicht en wild begroeid met brandnetels en struikgewas, dat ik besluit deze bunker voor nu te laten voor wat hij is.

Vleermuizen en een welverdiende pannenkoek

Aan het einde van de Diefdijk worden we verwelkomd door een laatste, indrukwekkende linie van bunkers en gereconstrueerde loopgraven. Let hier ook eens op de details: de lantaarnpalen langs het fietspad zijn prachtig nagemaakt naar een historisch model van vroeger. Aan het einde van de
dijk doemt de robuuste vorm van Fort Everdingen op. Op het kruispunt staat een schitterende, gedetailleerde maquette van cortenstaal die de opbouw van het fort helder in kaart brengt. Fort Everdingen is een heerlijke plek voor een pauze, maar wij besluiten nog heel even door te trappen en draaien de bocht om, de Goilberdingerdijk op.

 

Precies in de scherpe bocht houden we halt. Er is hier weliswaar geen horeca, maar het is een locatie die barst van de historische bezienswaardigheden. Recht voor ons in het open weiland staat een massieve, betonnen muur. Een vreemd, surrealistisch gezicht zo midden in de natuur. Het blijkt een historische kogelvanger te zijn, die vroeger werd gebruikt om rondvliegende kogels op te vangen tijdens militaire schietoefeningen, zodat ze niet in de verre omgeving schade konden aanrichten. Iets verderop ontdekken we een bijzonder torentje. Eeuwenlang stond er naast het fort een kapel. Na verloop van tijd werd deze helaas afgebroken, maar de historische gedenkplaat bleef wonder boven wonder bewaard. Dankzij een mooi lokaal initiatief is de gedenkplaat in ere hersteld en ingemetseld in een speciaal gebouwd minitorentje. Leuk detail: de toren heeft direct een ecologische functie gekregen als modern vleermuizenhotel! Om bij het torentje en het naastgelegen uitzichtbankje te komen, wandel je over de Beersluis. Niet ideaal voor mensen met hoogtevrees, zo merk ik al snel aan de diepte onder de vloer, maar het uitzicht is fantastisch. Ook deze sluis is, samen met Fort Everdingen, onderdeel van de waterlinie.

 

De welverdiende, uitgebreide pauze nemen we even later bij het sfeervolle Fort Werk aan 't Spoel. Het is er gezellig druk op het zonnige terras van 'Caatje aan de Lek'. Op deze inmiddels heerlijk warme, zomerse dag is een ijskoud drankje een ware traktatie. Talloze fietsers en wandelaars strijken hier neer om te genieten van de ambiance. Aan de andere kant van het fort bevindt zich een creatief kunstenaarsdorp waar je in de weekenden kunt rondstruinen en kunt genieten van de exposities van LekArt.

Als de fietsen weer van het slot gaan, maken we langs de dijk nog een allerlaatste stop bij eenzware, stalen tankversperring. Deze zogenaamde 'aspergeversperring' bestaat uit dikke, schuin geplaatste stalen balken die vanuit de grond omhoog steken om vijandelijke tanks te blokkeren. Als je de robuuste balken zo uit de dijk ziet verrijzen, begrijp je direct waar de sprekende naam vandaan komt.

Terug op het honk

Het laatste deel van de route meandert rustig door een idyllisch landschap van uitgestrekte weilanden, grazende koeien en fruitbomen. Het contrast met de zware geschiedenis van oorlogsdreiging en militaire linies kan bijna niet groter zijn. Als ik in de verte de eerste Lakenvelders in het weiland zie staan, de typische koeien met hun kenmerkende witte band om de buik, weet ik dat we weer terug zijn op het grondgebied van landgoed Mariënwaerdt. We zijn exact op tijd om bij de Stapelbakker aan te schuiven voor een ambachtelijke, verse pannenkoek.

 

De route 'Water als Wapen' is een waanzinnig mooie, indrukwekkende en veelzijdige fietstocht. Er is onderweg zo ontzettend veel te zien, te leren en te ontdekken. Mijn belangrijkste advies: trek er een volle dag voor uit en neem vooral de tijd om zo nu en dan even van de fiets te stappen!